De Prins is terug op het witte doek
Door Stefan Popa op 21 Juni 2010, BlogMijn eerste game was een Prince of Persia-titel. Niet helemaal trouwens. Mijn eerste ervaring – de oorsprong van mijn vierkante oogjes als het ware – stond gedrukt op een Commodore 64-floppy. De eer was voor een andere prinselijke springer: Zorro. Zijn zwarte cape en masker behoren weliswaar tot een andere categorie als de plofbroek en de blote barst van de prins van Perzië, maar het idee achter de game is ongeveer hetzelfde. Spring, vecht, ren en spring.
Het grootste verschil tussen die twee titels was de kwaliteit. Prince of Persia scoorde in 1989 furore. Men sprak welwillend van een revolutie. En dat in een jaar dat bol stond van de revoluties. Natuurlijk heb ik dat deel gespeeld (en de prima remake van dat deel voor PSN en Xbox Live), maar mijn liefde voor de serie begon pas écht bij het barslechte Prince of Persia 3D uit 1999. Ik vond het spel zelf helemaal niets, maar dat sfeertje (of was het de intro?)... Ja, het paste helemaal bij mij. Al was het Prince of Persia: The Sands of Time dat mijn hart wist te stelen. De prins gaf mijn kloporgaan nooit meer terug.
De hele game klopte tot in de puntjes. De vervolggames konden me minder bekoren, maar waren evenzeer prinselijk te pruimen. Toen Walt Disney aankondigde dat ze één van mijn favoriete games gingen verfilmen, vreesde ik het ergste. Of erger nog: Uwe Boll-kwaliteit. Maar gelukkig viel het mee. Sterker nog: Prince of Persia: The Sands of Time is een zeer degelijke en zelfs uitmuntende gamefilm geworden.

Ik vreesde nog even voor de acteerprestaties van Jake Gyllenhaal – de enige echte prins – en Gemma Arterton, maar beiden zetten een geloofwaardige prins en prinses neer. Het typische (en een beetje simpel) Pirates of the Carribbean-sausje dat de makers over de serie hebben gegoten, liet ik me als liefhebber van de piraten ook wel smaken. De eerste trailer (van jaren geleden) bezorgde me destijds maagkramp, maar nu ik de gehele film heb beleefd (‘kijken’ doe je maar thuis) in de bioscoop, durf ik het echt te zeggen. ‘Dit was een goede gamefilm.’
De enige kramp die ik overhield aan het bioscoopbezoekje bevond zich in mijn kaken en binnen mijn darmen. De kingsize bak popcorn kan ik aanwijzen als schuldige. Misschien dat een uurtje gamen met de prins in Prince of Persia: The Forgotten Sands de pijn doet verdwijnen. Volgens de Power Unlimited gaat deze game namelijk weer helemaal terug naar de wortels. De wortels die ik liefheb; zowel in de film als in de revolutionaire games. Game-smakelijk!




)
!