Bayonetta
Door Myron de Vrede op 09 Januari 2010, RecensieBayonetta opent met een sfeervolle scène op een desolate begraafplaats. Op een slanke non en een weerzinwekkend ogende Danny DeVito-kloon na, is het compleet verlaten. De eerste prevelt wat rare woorden voor een graf. Er lijkt niets te gebeuren, maar plots breekt de hel los.
Vagevuur? De hemel, kun je eerder stellen. Vanuit een stroom van verheven licht dalen de eerste paradijselijke entiteiten neer op aarde. Zwaarbewapend zwermen ze rond de schone dame. Met een paar welgemikte slagen gaan haar kleren aan diggelen. Een bloot lichaam ontwaart zich aan de - allicht giechelende - kijker. Dan vormt plots haar weelderige haardos een nieuw tenue. Bayonetta kijkt, in vol ornaat, wulps in de camera. Alvorens ze de engelen te lijf gaat, likt ze even erotisch aan haar lolly, om vervolgens de aarde te bevuilen met een dikke stroom heilig bloed gemengd met afgerukte veren. Dit oogt spectaculair, fantastisch, sexy en bovenal érg Japans. Alleen díe rakkers weten met verve bloederig afgebroken vleugels te combineren met acties waarin Bayonetta bijkans haar kruis in de fortuinlijke cameraman z’n lens drukt, op een stijlvolle manier.
Ik zie het allemaal met een mengeling van bewondering en schaamte aan. Bayonetta, niet alleen de dame maar ook de game, fascineert en overweldigt met potsierlijk ontworpen vijanden, gebouwen en situaties. Tegelijkertijd slaat het met al z’n seksuele innuendo’s en misplaatste ‘Amerikaanse’ grappen de plank totaal mis. Vooral de - totaal onzinnige – DeVito look-a-like, wiens echte naam ik uit desinteresse ben vergeten, plaatst wat akelige ‘Fuggedaboutit’-achtige grappen. Daar gaan je ogen van rollen.
Het verhaal is sowieso geen goede drijfveer om de game te spelen. Dat pakt je niet echt bij je strot. Nu kampen redelijk veel Japanse titels met tergend slechte óf zwaar overdreven melodramatische vertelsels – enkele games uiteraard daargelaten – en dit spel vormt helaas geen uitzondering. Het enige verschil is dat waar veel schrijvers de fout maken om verhalen overdadig sentimenteel te maken, Bayonetta het moet doen met een vaag fluctuerend nonsensverhaal. Het oogt allemaal prachtig, maar slaat uiteindelijk nergens op. Maar: omdat alles zo extreem over de top is, vind je het als speler ook niet zo héél erg.
Wat wél blijft boeien is Bayonetta zelf. De hoofdrolspeelster is namelijk de ideale Japanse belichaming van een vrouw (benen, borsten, etc.), in combinatie met alles wat men leuk vindt aan animé en manga. Sommigen maakte al de vergelijking met Sarah Palin, iets waar ik me lichtelijk iets bij kan voorstellen, maar ze is duidelijk smakelijker om naar te kijken. Dat niet alleen: deze heks heeft zoveel trucjes in petto dat ze uiteindelijk een goed, mooi gebalanceerd, karakter is. Dit kattige meisje kan zo gracieus en doeltreffend vechten, daar gaat menig gamer direct van spinnen.
Knokken voert dan ook de boventoon in dit actieavontuur. Bayonetta is - letterlijk -tot op haar tenen bewapend. Naast het feit dat ze twee heerlijk ogende pistolen hanteert, kan ze schietgerij aan haar voeten bevestigen. Ja, de hemelse engelen krijgen het nog moeilijk als je op je kop staat en raketten uit je hoge hakken laat knallen. Alsof dat nog niet genoeg is, kan ze ook nog eens wild om zich heenslaan met een vlijmscherpe katana, zware handschoenen en een kittig zweepje.









